Gepubliceerd op

“Moeder je bent prachtig met het haarstukje”

Ik dacht het hoort bij de leeftijd, alles verandert, dus mijn dunne bosje haar moet ik ook voor lief nemen. Nee, leuk vind ik het niet. Wat ik ook probeer, met lak en gel, het is niet meer leuk te krijgen.

Zelfs mijn kapster zei dat alleen een haarstukje de redding zou zijn. Maar ik dacht nog, een haarstukje is toch voor mensen die ziek zijn? Mijn buurvrouw zei “Kind, ik heb allerlei hulpmiddelen, een bril, gebit, gehoorapparaat en soms valse wimpers”. Daar moesten we samen hartelijk om lachen. Ja, mijn buurvrouw durft alles, maar zo’n type ben ik niet. Ik wil het liefst zo natuurlijk mogelijk en zo min mogelijk opvallen.

Mijn buurvrouw vertelde me dat alle hulpmiddelen er niet voor niets zijn en dat een gedeelte door de zorgverzekering wordt vergoed. Ik ging erover nadenken en besprak het met mijn kinderen. Ze waren het met de buurvrouw eens en zeiden dat ze desnoods wel mee wilden om te kijken. Ik had nog wel mijn twijfels: Hoe zit het vast? Waait het af? Moet je eigen haar er dan af? Is het zichtbaar?

Is het wel wat voor mij, vroeg ik nog? De kinderen zeiden in koor: “Moeder als je het niet probeert dan weet je het ook niet. En hier word je ook niet meer blij van. Iedereen vindt het heel gewoon als je een gebit, bril of gehoorapparaat hebt, daar praat niemand over. Dus waarom ga je niet eens kijken of het wat voor je is? Wij gaan wel mee.”

Zogezegd, zo gedaan. Een afspraak met Frans Koopal was snel gemaakt en dus gingen we naar Groningen. De kinderen maakten grapjes: “Moeder ik zou rasta haar nemen of een lange weelderige blonde pruik.” Ja, ja dacht ik nog, lachen jullie maar, maak er maar grapjes over.

Eenmaal bij Frans Koopal naar binnen werden we allemaal stil. Zoveel pruiken waren uitgestald in allerlei kleuren en modellen. Waar zou je uit moeten kiezen? Een vriendelijk medewerkster ontving ons en bracht ons naar een aparte ruimte vol met spiegels en nog meer koppen met pruiken. De kinderen gaven aan ook wel wat te willen passen, maar daar stak ik toch een stokje voor. Tenslotte kwamen we voor mij en ik was al zenuwachtig genoeg.

Achteraf weet ik niet eens meer waarom ik zo nerveus was, de sfeer was ontspannen en de medewerkster aardig en geduldig. Ze bracht ons een kopje koffie en thee met wat lekkers, het leek wel een restaurant. Daarna werd gevraagd wat de wensen waren. De kinderen namen het woord en vertelden dat moeder wat meer haar wilde hebben.

De medewerkster bekeek het haar wat er nog op zat en zei dat er een prachtige oplossing voor was. We waren onder de indruk van wat we te zien kregen. Maar nog meer van wat ik op mijn hoofd kreeg. Vederlicht en simpel met klipjes die vastgeklipt werden aan mijn eigen haar. Dit was meer dan we verwacht hadden. Dit was geweldig. Zo zag ik er een paar jaar geleden ook uit. “Moeder je zier er prachtig uit met zo’n haarstukje.”

De medewerkster liet nog meer oplossingen zien, maar de eerste was gelijk de beste. Er was geen weg terug. Zo zou ik iedere dag wel willen lopen. Niet te veel maar toch een verzorgd kapsel. Toen we hoorden dat ik goed verzekerd was hiervoor en – met een verwijzing van de arts – een vergoeding kon krijgen, waren we blij en opgelucht.

Het opzetten van het haarwerk was makkelijker dan gedacht. Bij de tweede poging ging het al erg makkelijk. We kregen uitleg over de verzorging. In het bijgeleverde tasje met verzorgingsproducten, zat een onderhoudsbeschrijving in begrijpelijke taal. Zelfs het knippen van zowel het haarstukje als eigen haar ging naar wens.

Als mijn buurvrouw en kinderen mij niet hadden gestimuleerd had ik er misschien nooit aan gedacht. Nu denk ik … ik had het jaren eerder moeten doen. Wat geweldig!

Met vriendelijk groeten Marietje